40.000 jaar voor Christus zijn er mensen geweest, die aan het gokken waren en in dit geval met botjes van schapen. Van het jaar 5000 voor Christus is bekend dat er al met dobbelstenen werd gespeeld en ten tijde van het Romeinse Rijk werden er al loterijen gehouden. In Noord Europa vonden er in de vijftiende eeuw na Christus zogenaamde tombolaloterijen plaats.

Geschiedenis van het gokken in Nederland

In Nederland werd in 1726 de staatsloterij opgericht en in Spa werd het eerste casino in 1763 geopend. In de periode rond 1860 werd er in Nederland getracht het eerste casino te openen, maar er werd geen vergunning verstrekt. In Monaco werd in 1863 geopend. In 1902 werd er van alles aangedaan om het staatsloterij af te schaffen, maar de volgende regering trok het wetsvoorstel weer in. Eenzelfde poging werd ondernomen in 1925 en rond het eind van de Tweede Wereldoorlog werd de verkoop van staatsloten aan banden gelegd. Vanaf dat moment mocht bijvoorbeeld kapperszaken en sigarenwinkels geen loten meer in de verkoop hebben. Vanaf 1950 kwamen er steeds meer Nederlanders, die mee gingen spelen in loterijen in het buitenland.

De Wet op de Kansspelen is in 1964 aangenomen, waardoor deelname aan de voetbaltoto mogelijk werd. In deze tijd waren gokkasten en casinospellen, zoals roulette nog verboden. Vanaf 1969 mocht er wel gespeeld worden op gokkasten, maar mocht er geen geld uitgekeerd worden. In 1974 werd er een wijziging aangebracht op de Wet op de Kansspelen en werd het mogelijk gemaakt om lotto te spelen. Ook liet de wet dat er casino’s mochten worden opgericht in Nederland.

In 1976 werd het eerste casino geopend en dat aantal nam langzamerhand toe. Vanaf 1986 werd het toegestaan dat gokkasten geld uit gingen keren. Vanaf 1990 ontstonden de eerste zichtbare problemen rond gokken en werd er door de afzonderlijke gemeenten beleid gevoerd door het aanbod van gokkasten in cafés en snackbars aanzienlijk te beperken.

Gokverslaving

In 1994 hebben zich in totaal zevenduizend personen gemeld met een gokverslaving bij de instanties van verslavingszorg. In totaal zijn er ongeveer 70.000 personen met een gokprobleem of gokverslaving in Nederland. In 2000 is de Wet op de Kansspelen aangescherpt en het gemeentelijke beleid van de beperking van gokkasten wordt landelijk overgenomen. In 2005 is de schatting dat er ongeveer veertigduizend personen een gokverslaving hebben en van het jaar 2008 is bekend dat er zich 2675 personen hebben gemeld bij de verslavingszorg.