Raad van State houdt zitting over intrekking exploitatievergunning cash centers

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelt woensdag 9 september 2026 om 14.00 uur (zaak 202505158/1) het hoger beroep over het intrekken van een exploitatievergunning voor speelautomaten van een Amsterdams bedrijf.

In de persagenda van de Raad van State staat dat de Kansspelautoriteit (Ksa) de vergunning introk. De toezichthouder verwijt het bedrijf het faciliteren van illegaal gokken en witwassen in de periode 2017 tot en met 2019. Het gaat om een geplande zitting; er is nog geen uitspraak.

Hoe cash centers werkten en hoe deze zaak ontstond

Een cash center was geen gokautomaat, maar een betaalautomaat waarin gebruikers contant geld konden storten. Zij konden zonder controle van hun persoonsgegevens een account met een tegoed aanmaken. Op de automaat zelf stonden geen kansspelen, maar het tegoed kon via een computer of telefoon worden gebruikt bij aangesloten diensten, waaronder een illegale gokwebsite. Een resterend tegoed of gewonnen bedrag kon alleen worden opgenomen via het cash center waar het account was aangemaakt.

De voorgeschiedenis begint in 2018 met het landelijke strafrechtelijke onderzoek Kassa. Volgens de rechtbank Amsterdam onderzocht de Kansspelautoriteit (Ksa) onder leiding van het Functioneel Parket het gebruik van cash centers voor illegale online kansspelen. Het onderzoek had betrekking op gokactiviteiten die tussen 1 januari 2017 en 28 maart 2019 plaatsvonden.

Hoger Beroep Cash Center Zaak

De exploitatievergunning van het bedrijf

De Ksa trok de exploitatievergunning van het Amsterdamse bedrijf op 17 april 2023 in en handhaafde dat besluit na bezwaar op 12 september 2023. De toezichthouder achtte aannemelijk dat het bedrijf illegaal gokken had gefaciliteerd en zich schuldig had gemaakt aan witwassen. De rechtbank liet de intrekking op 8 augustus 2025 in stand, omdat de Ksa deze gedragingen volgens de rechter mocht meewegen bij de beoordeling van het levensgedrag van het bedrijf en zijn bedrijfsleider.

Waar gaat het hoger beroep over

Volgens de persagenda draait de zaak om een zogenoemd cash center. Bezoekers konden contant geld storten en kregen daarvoor een tegoed. Met dat tegoed konden zij via internet anoniem gebruikmaken van diensten van bedrijven die bij het systeem waren aangesloten. Een van die bedrijven was volgens de persagenda een gokwebsite die destijds geen vergunning had om online kansspelen aan te bieden.

Het gaat hier om de exploitatievergunning die de Kansspelautoriteit verleent voor speelautomaten. Die vergunning geeft geen toestemming om online kansspelen aan te bieden. Het bedrijf ontving volgens de persagenda een provisie voor de exploitatie van het cash center.

Wat de zitting betekent voor de ingetrokken vergunning

Het Amsterdamse bedrijf is het niet eens met de intrekking. De rechtbank verklaarde het eerdere beroep ongegrond, vermeldt de persagenda. Daarmee liet de rechtbank de intrekking in stand. Het bedrijf legt die beoordeling nu voor aan de Afdeling bestuursrechtspraak, de hoogste algemene bestuursrechter.

Een hoger beroep maakt een ingetrokken vergunning niet vanzelf weer geldig. De Raad van State legt in zijn brochure over hoger beroep uit dat de bestreden beslissing of rechtbankuitspraak tijdens de procedure blijft gelden. Een rechter kan op verzoek wel een tijdelijke maatregel treffen, een zogenoemde voorlopige voorziening.

De persagenda vermeldt voor deze zaak geen dergelijke tijdelijke maatregel. Uit de aankondiging van de zitting kan daarom geen herstelde vergunning worden afgeleid. Wanneer de Afdeling bestuursrechtspraak in zaak 202505158/1 uitspraak doet, staat nog niet in die agenda.

Gepubliceerd op .