De goksector handhaaft waar de overheid verzaakt

Geplaatst: bijgewerkt: auteur Michael FancherMichael

Opinie — De Vergunde Nederlandse Online Kansspelaanbieders (VNLOK) hebben Meta deze week voor de rechter gesleept. Nederlandse Loterij procedeert ondertussen tegen Lalabet en Qbet en stuurde Skyhills deze maand een sommatie. Wie het rijtje bekijkt, ontkomt niet aan de vraag: waarom moet de goksector zoveel werk van de toezichthouder zelf doen? Het korte antwoord is niet dat de Kansspelautoriteit (Ksa) niets uitvoert. De toezichthouder deelt boetes uit, legt lasten onder dwangsom op en meldt illegale advertenties bij Meta. Het probleem zit dieper. De Ksa kan een buitenlandse goksite niet zelf op zwart zetten, een boete onthult niet automatisch wie achter een netwerk zit en het directe Europese toezicht op Meta ligt grotendeels in Brussel. In die gaten is een particuliere handhavingsroute ontstaan.

Van Ladbrokes tot Meta loopt dezelfde omweg

De gang naar de civiele rechter is niet nieuw. De Lotto vocht al in de jaren nul zaken uit met Ladbrokes, Unibet, GWbet, Betfair en Interwetten. De inzet was telkens vergelijkbaar: buitenlandse aanbieders boden zonder Nederlandse vergunning weddenschappen aan en verschaften zich daarmee volgens De Lotto een ongeoorloofde voorsprong. In de zaak tegen GWbet, Betfair en Interwetten oordeelde de rechtbank Den Haag dat het onvergunde aanbod onrechtmatig was tegenover De Lotto. In 2007 kreeg De Lotto in kort geding ook een verbod tegen Unibet, met een dwangsom van 100.000 euro per dag en een maximum van 3 miljoen euro. De langlopende procedure tegen Ladbrokes eindigde in 2012 bij de Hoge Raad, nadat ook het Hof van Justitie van de Europese Unie zich over het Nederlandse vergunningstelsel had uitgesproken.

Die zaken begonnen vóór de Ksa in 2012 werd opgericht. Ze bewijzen dus niet dat de huidige toezichthouder toen tekortschoot. Ze tonen wel aan dat Nederland al heel lang leunt op een vergunninghouder die via het civiele recht afdwingt wat de overheid met haar eigen instrumenten niet snel genoeg bereikt.

Meta Vnlok Rechtszaak

Nederlandse Loterij bouwt opnieuw een eigen handhavingslijn

De oude route is terug. Nederlandse Loterij dagvaardde Lalabet in maart 2025. De rechtbank Den Haag oordeelde in juni 2026 dat de exploitanten en bestuurders achter de goksite onrechtmatig hadden gehandeld en informatie over de bedrijfsstructuur moesten verstrekken. Het Curaçaose trustkantoor DECC en twee bestuurders werden in eerste aanleg niet aansprakelijk gehouden. Nederlandse Loterij liet weten op dat onderdeel hoger beroep te overwegen. Daarna volgde Qbet. De Ksa had Novatech, de exploitant achter Qbet en 55Bet, al een boete van ruim 24 miljoen euro opgelegd. Toch begon Nederlandse Loterij daarnaast een civiele procedure tegen exploitanten, trustkantoren, brievenbusbedrijven en bestuurders. De boete bestraft de overtreding. Via de civiele zaak wil Nederlandse Loterij het netwerk blootleggen, de betrokkenen aansprakelijk stellen en de site blijvend uit Nederland weren.

Skyhills is het derde actuele dossier. Nederlandse Loterij stuurde de betrokken bedrijven en bestuurders een sommatie. Volgens de kansspelaanbieder werd de site daarna vanuit Nederland onbereikbaar. Dat is nog geen rechtszaak, maar wel een resultaat dat met een brief van een marktpartij werd bereikt. Daar zit een ongemakkelijke tegenstelling. Nederlandse Loterij is een staatsdeelneming. De Staat laat dus een onderneming waarvan hij zelf de stemgerechtigde aandeelhouder is civiele procedures financieren om gaten in de publieke handhaving te dichten.

De Ksa deelt miljoenenboetes uit en blijft toch afhankelijk

De Ksa is niet van het toneel verdwenen. In 2025 legde zij vier boetes voor illegaal aanbod op van samen 31,2 miljoen euro. Voor 2026 maakte de toezichthouder extra capaciteit vrij voor de bestrijding van illegaal gokken. Zij richt zich daarbij ook op affiliates, betaaldiensten, hostingbedrijven en sociale media. Maar de Ksa schrijft zelf dat zij een illegale site niet zelfstandig met een IP of DNS blokkade ontoegankelijk kan maken. Zij moet een hostingbedrijf, betaaldienst of andere tussenpartij meekrijgen. Bij Facebook en Instagram meldt de Ksa overtredingen aan Meta. Sinds begin 2023 leidde dat volgens de toezichthouder tot de sluiting van 32 accounts en pagina’s.

Dat klinkt nuttig totdat het naast de cijfers van VNLOK wordt gelegd. De branchevereniging zegt dat in haar steekproeven van mei en juni 94 tot 97 procent van de onderzochte gokadvertenties naar illegale aanbieders verwees. Meta verwijderde volgens VNLOK slechts een klein deel. Een meldroute die tientallen accounts sluit, weegt dan niet op tegen een advertentiemachine die voortdurend nieuwe campagnes toelaat.

Bij Meta ligt de macht niet alleen bij de Ksa

De zaak tegen Meta verschilt juridisch van de procedures tegen Ladbrokes, Lalabet en Qbet. VNLOK pakt geen gokexploitant aan, maar het bedrijf achter Facebook en Instagram. De branchevereniging beroept zich daarbij op de Europese Digital Services Act (DSA) en wil dat de rechtbank Amsterdam Meta tot betere maatregelen tegen illegale gokreclame verplicht. De Ksa kan Meta aanspreken op gokreclame en signalen delen, maar zij is niet de enige en ook niet de belangrijkste DSA toezichthouder. De Autoriteit Consument & Markt is de Nederlandse digitaledienstencoördinator. Voor zeer grote online diensten zoals Facebook en Instagram ligt het directe toezicht op de zwaarste DSA verplichtingen bij de Europese Commissie. VNLOK heeft daarom behalve de civiele procedure ook in Brussel geklaagd.

Dat verdeelde toezicht verklaart waarom de Ksa Meta niet met één besluit kan dwingen alle advertenties van illegale casino’s te weren. Het maakt de uitkomst voor Nederlandse spelers niet minder onbevredigend. Zij zien een illegale advertentie op Facebook, terwijl de verantwoordelijkheid verspreid ligt over Meta, de Ksa, de ACM, de Europese Commissie en mogelijk het Openbaar Ministerie.

Private rechtszaken mogen geen vast onderdeel van het toezicht zijn

Er is niets mis mee dat een vergunninghouder zijn eigen positie verdedigt. Illegale aanbieders hoeven zich niet aan de Nederlandse vergunningseisen, stortingslimieten en Cruks-controle te houden. Oneerlijke concurrentie is een geldige civiele grondslag. De scheidslijn wordt problematisch wanneer commerciële slagkracht bepaalt welke illegale aanbieder wordt aangepakt. Nederlandse Loterij kan advocaten, onderzoekers en internationale deurwaarders betalen. Een kleinere vergunninghouder kan dat niet vanzelfsprekend. Publieke handhaving hoort niet af te hangen van de bereidheid van één staatsdeelneming of branchevereniging om een kostbare procedure te voeren.

De politiek moet de Ksa daarom een juridisch houdbare blokkeerbevoegdheid geven, met rechterlijke controle en een duidelijke route voor buitenlandse domeinen. De Ksa, de ACM, het Openbaar Ministerie en de Europese Commissie moeten bij illegale gokreclame één zichtbaar dossier voeren, zodat meldingen niet tussen toezichthouders blijven liggen. Betaaldiensten en hostingbedrijven moeten sneller een bindende opdracht kunnen krijgen wanneer een aanbieder een last negeert.

Een toezichthouder die miljoenenboetes kan opleggen maar een buitenlandse goksite niet zelf op zwart krijgt, heeft een indrukwekkend sanctiebesluit en een praktisch probleem. Zolang gokbedrijven en brancheverenigingen dat probleem bij de civiele rechter moeten oplossen, heeft de overheid haar eigen verbod niet goed georganiseerd.

Gepubliceerd op .