Een lot van €2 leverde een in Nederland wonende Duitser in mei 2022 een Eurojackpot-prijs van €134.300 op. Nog geen drie weken later betaalde hij daarover €38.947 Nederlandse kansspelbelasting. Hij probeerde dat bedrag terug te krijgen, maar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft zijn hoger beroep afgewezen. De winnaar kocht het lot in Duitsland. Omdat hij in Nederland woonde, moest hij de buitenlandse prijs hier aangeven. Het tarief bedroeg destijds 29 procent. Na betaling maakte hij bezwaar. Eerst kreeg hij nul op het rekest bij de Belastingdienst en de rechtbank, daarna ook bij het hof.
Een buitenlands lot verandert de belastingplicht hier niet
De winnaar stelde dat Nederland het vrije verkeer van diensten binnen de Europese Unie beperkte. Hij verwees daarbij naar Europese rechtspraak over landen die buitenlandse loterijprijzen zwaarder belasten dan binnenlandse prijzen. Volgens het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden gaat die vergelijking hier niet op. Nederland paste in 2022 hetzelfde tarief toe op vergelijkbare binnenlandse en buitenlandse prijzen. De heffing werd daarom niet hoger doordat het winnende lot in Duitsland was gekocht. Ook zag het hof geen reden om eerst vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie te stellen. Het hoger beroep is ongegrond verklaard. Tegen de uitspraak kan nog cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
De rekening zou nu hoger uitvallen
De 29 procent uit deze zaak is het tarief dat in 2022 gold. Dat percentage is inmiddels achterhaald. Sinds 1 januari 2026 bedraagt de kansspelbelasting 37,8 procent. Wie in Nederland woont en meer dan €449 wint bij een buitenlandse loterij, moet volgens de Belastingdienst zelf aangifte doen en belasting over de hele prijs betalen. Bij het huidige tarief zou over €134.300 een bedrag van €50.765,40 verschuldigd zijn. De uitspraak laat zien dat een belastingvrije uitbetaling in het land waar het lot is gekocht niet betekent dat de prijs ook in Nederland onbelast blijft. Het hof deed uitspraak op 15 september 2026. Rechtspraak.nl publiceerde de beslissing op 2 oktober.
Gepubliceerd op .
