De Raad van State ziet geen meerwaarde in een matchfixingtaak voor het voorgestelde Integere Sport Nederland (ISN). Het kabinet wil die organisatie meldingen over gemanipuleerde wedstrijden laten onderzoeken. In een op 19 oktober gepubliceerd advies vraagt de Raad wat dat toevoegt aan de bestaande aanpak. Het advies noemt onder meer de politie, het Openbaar Ministerie (OM) en de Kansspelautoriteit (Ksa). De kritiek staat in het advies over het wetsvoorstel Wet integere sport. Dat voorstel moet ook doping en grensoverschrijdend gedrag helpen aanpakken. De Afdeling advisering, die wetsvoorstellen beoordeelt, adviseert het plan opnieuw te bekijken en in deze vorm niet bij de Tweede Kamer in te dienen.

Wat Integere Sport Nederland zou gaan doen
In het voorstel gaan de Dopingautoriteit en Centrum Veilige Sport Nederland samen op in ISN. Dat zou een zelfstandig bestuursorgaan worden: een organisatie die overheidstaken uitvoert, met een eigen bestuur. De dopingcontroles en andere bestaande taken van de Dopingautoriteit verhuizen mee. Ook de advies- en ondersteuningstaken van het huidige sportmeldpunt gaan over.
Daar komt een taak bij. ISN zou zelf meldingen over misstanden onderzoeken en daarna een advies aan een sportbond, vereniging of andere sportorganisatie geven. Daarin staat hoe aannemelijk de gemelde schending is en wat de organisatie ermee kan doen. ISN zou informatie kunnen verzamelen en onder voorwaarden ook inlichtingen of inzage kunnen vorderen.
Het kabinet wil de sport daarmee meer steun geven bij de behandeling van meldingen. In de toelichting staat dat sportorganisaties soms te snel naar het tuchtrecht verwijzen, omdat daar wel onderzoek kan worden gedaan. Een tuchtzaak is volgens die toelichting niet voor iedere melding de beste oplossing. De eigen verantwoordelijkheid van de sport blijft het uitgangspunt.
Bij matchfixing bestaan al andere routes
Juist bij matchfixing ziet de Raad geen meerwaarde in de oprichting van ISN. Het manipuleren van een wedstrijd kan samenhangen met onder meer omkoping en oplichting. Politie, OM en de fiscale opsporingsdienst FIOD hebben ieder hun rol bij de aanpak van strafbare feiten. De Ksa houdt toezicht op kansspelaanbieders en ontvangt signalen over verdachte weddenschappen.
Volgens de Raad levert het voorgestelde onderzoek door ISN hooguit een advies aan de sportorganisatie op. Wat die organisatie daar vervolgens mee moet, is onvoldoende duidelijk. Bij vermoedens van strafbare feiten ligt volgens het advies overdracht aan de politie of een melding bij de kansspelautoriteiten voor de hand.
De toelichting bij het wetsvoorstel beschrijft hoe ISN met andere instanties kan overleggen. Als elders al onderzoek loopt en een eigen onderzoek niets toevoegt, kan ISN een melding buiten behandeling laten. ISN krijgt zelf geen taak om strafbare feiten op te sporen. Het voorgestelde onderzoek richt zich op de regels binnen de sport.
De Ksa krijgt nu al meldingen van bookmakers
Bookmakers kunnen met signalen terecht bij een meldpunt van de Ksa: de Sports Betting Intelligence Unit, afgekort SBIU. Daar kunnen signalen van mogelijke matchfixing bij kansspelen worden gemeld. Vergunde aanbieders moeten de risico’s op manipulatie zoveel mogelijk beperken. Dat begint ook bij de keuze welke wedstrijden en soorten weddenschappen zij aanbieden.
Volgens de Ksa-trendanalyse matchfixing 2025 kreeg de toezichthouder dat jaar twaalf meldingen van negen vergunninghouders. Vier meldingen gingen over sporters die op hun eigen competitie inzetten. Een jaar eerder ontving de toezichthouder dertien meldingen, maar zat die categorie er niet tussen. Het gaat om signalen van aanbieders, niet om twaalf vastgestelde gevallen van wedstrijdmanipulatie.
Het toezicht gaat ook over weddenschappen die helemaal niet mogen worden aangeboden. OCA schreef eerder over verboden sportweddenschappen bij Holland Casino en VBet. Bepaalde gebeurtenissen binnen een wedstrijd kunnen makkelijker door één betrokkene worden beïnvloed. Met beperkingen op het wedaanbod probeert de toezichthouder zulke risico’s te verkleinen.
Nederland heeft Macolinverdrag nog niet geratificeerd
Nederland ondertekende in 2014 het Macolinverdrag van de Raad van Europa, over het tegengaan van wedstrijdmanipulatie. Op 20 oktober 2026 stond Nederland in het verdragsregister van de Raad van Europa nog zonder ratificatie vermeld. Nederland heeft het verdrag daarmee nog niet bekrachtigd.
Het wetsvoorstel regelt die ratificatie niet. De toelichting noemt daarvoor onder meer de aanwijzing van een nationaal platform tegen matchfixing. ISN wordt daarvoor juist niet aangewezen, omdat het geen toezichthoudende taken krijgt. Volgens de toelichting is een andere instantie waarschijnlijk geschikter; daarover moet nog overleg plaatsvinden.
De Raad adviseert af te zien van het nieuwe zelfstandige bestuursorgaan en de bestaande Dopingautoriteit te behouden. Wil het kabinet toch met ISN verder, dan moet het duidelijker onderbouwen waarom dat nodig is. Daarbij moet ook blijken wat ISN toevoegt aan de instanties die verdachte weddenschappen en mogelijke strafbare feiten nu al behandelen.
Foto: Tukka / Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0)
Gepubliceerd op .